De zorg voor uw konijn(en)

Konijnen zijn vriendelijke en intelligente huisdieren die net als alle andere huisdieren de juiste zorg en aandacht nodig hebben. Hoewel ze vaak worden gezien als een goed huisdier voor kinderen, komt er behoorlijk veel kijken bij de verzorging. De beslissing om konijnen te nemen moet dan ook worden gezien als een langetermijnverbintenis.
De gemiddelde levensverwachting is 8 tot 12 jaar, maar met de juiste zorg kunnen konijnen zelfs nog langer leven. Over het algemeen kan gesteld worden dat middelgrote en grote rassen langer leven dan dwergrassen.
Er zijn meer dan 60 konijnenrassen, in allerlei vormen, maten en kleuren. Om goed voor konijnen te kunnen zorgen, moet er sprake zijn van een geschikte leefomgeving waarin ze zich op natuurlijke wijze kunnen gedragen, gezonde voeding en goede gezondheidszorg, en gezelschap. Konijnen zijn sociale dieren, dus als u voor het eerst een konijn neemt, doet u er eigenlijk het best aan om er tenminste twee te nemen!

Voeding

Een juist dieet is essentieel voor de gezondheid van uw konijnen, met name voor de tanden en de spijsvertering. Het is van cruciaal belang om uw konijnen voornamelijk te voeden met hooi of gras van goede kwaliteit (liefst vers) en groene groenten – deze zijn rijk aan vezels. Voeding met weinig vezels en veel koolhydraten zoals konijnenmuesli (mengvoer) kan tot gevolg hebben dat uw konijn last krijgt van zijn tanden, abcessen in het gezicht, zere ogen en bindvliesontsteking, overgewicht en maag-darmaandoeningen zoals diarree en inactieve darmen.

  • Gras en hooi
Het beste voedsel voor konijnen is voedsel dat het dichtst in de buurt komt van hun natuurlijke grasdieet in het wild. Gras bevat veel vezels (ongeveer 20-25%), niet te veel eiwit (ongeveer 15%) en weinig vet (2-3%). Het grootste deel van het voedsel van konijnen die als huisdier worden gehouden moet bestaan uit gras (vers of gevriesdroogd) en/of gedroogd veldbeemdgras/timotheegras van goede kwaliteit. Dit moet onbeperkt beschikbaar zijn. Het eten van dit vezelhoudende voedsel houdt uw konijnen bezig en voorkomt dat zij zich vervelen. Hooi kunt u in een hooiruifje of netje doen om vuil worden te voorkomen en ervoor te zorgen dat uw konijnen er langer van kunnen eten. Gedroogd veldbeemdgras van goede kwaliteit ruikt zoet, niet stoffig. Ook zijn lekkere gedroogde grasproducten verkrijgbaar die hun kleur behouden.
  • Groenvoer
Bladgroenten zijn goed voor konijnen van alle leeftijden en moeten elke dag gegeven worden. Daarbij is variatie erg belangrijk. Pas gespeende jonge konijnen moeten geleidelijk aan nieuwe groenten kunnen wennen. Voorbeelden zijn broccoli, kool, andijvie, snijbiet, peterselie, waterkers, bladselderij, witlof, roodlof, zuring, basilicum en andere kruiden, boerenkool, en het loof van wortels en bietjes. U kunt uw konijnen ook wilde planten zoals braamstruiken, kruiskruid, muur en paardenbloemen voeren als u die kunt vinden. Alle groenvoer moet eerst worden gewassen voor u het aan uw konijnen geeft.
  • Droogvoer
Veel konijnen die droogvoer krijgen (grof mengvoer of gemengde granen) eten alleen bepaalde bestanddelen daarvan. Doordat ze de lekkere dingen eruit kiezen en wat ze niet lekker vinden laten liggen, wordt hun voeding onevenwichtig en krijgen ze niet genoeg vezels, eiwitten, calcium en fosfor binnen. Dit kan tot veel problemen leiden, met name tandproblemen. De voorkeur wordt daarom gegeven aan pellets van goede kwaliteit, omdat elke korrel daarvan alle benodigde voedingsstoffen bevat. Het overvoeren van volwassen konijnen met droogvoer is echter een veel voorkomende oorzaak van ziekten zoals overgewicht, hart- en leveraandoeningen, chronische diarree, tand- en nieraandoeningen. Geef nooit onbeperkt droogvoer door de voederbak voortdurend bij te vullen. Een goede vuistregel is maximaal 25 g droogvoer per kg lichaamsgewicht per dag, waarbij benadrukt moet worden dat hooi of gras onbeperkt aanwezig moet zijn en het grootste deel van de voeding uitmaakt. Lees altijd de instructies van de fabrikant. Veel volwassen konijnen hebben eigenlijk helemaal geen droogvoer nodig, zeker niet als ze te zwaar zijn. Vraag bij twijfel de dierenarts om advies over de voeding van uw konijnen. Zeer jonge konijnen en konijnen in de groei hebben andere eiwitbehoeften dan volwassen konijnen. Voor jonge konijnen zijn speciale voeders verkrijgbaar, maar ook hier geldt dat gras of hooi van een goede kwaliteit het grootste deel van de voeding moet uitmaken.

  • En (zoete) tussendoortjes?
Tussendoortjes met veel vet of zetmeel mogen nooit gegeven worden omdat ze overgewicht of spijsverteringsproblemen kunnen veroorzaken. Hierbij gaat het onder meer om honingstokjes, bonen, erwten, maïs, brood, ontbijtgranen, biscuitjes, noten, zaden, chips en chocola. Fruit is ook een tussendoortje en mag dus slechts met mate gegeven worden, omdat het rijk is aan suikers en maag-darmklachten en tandproblemen kan veroorzaken. Geef zeker niet te veel zoete tussendoortjes, omdat dit overgewicht en spijsverteringsproblemen tot gevolg kan hebben. De beste tussendoortjes zijn gezonde tussendoortjes, zoals kleine hoeveelheden van een favoriete groente of favoriet kruid. Deze vormen een extra bron van vezels voor uw konijnen. Om de tanden af te slijten en voor geestelijke stimulatie kunt u uw konijnen twijgjes of takjes geven. Ze vinden het leuk om op de bast te knagen en de takjes te ontschorsen. Over het algemeen kunt u takjes geven van elke boom waarvan de mens fruit eet, zoals appel, peer, pruim, haagdoorn, meidoorn en wilde roos. Controleer wel of de boom niet met chemicaliën is bespoten.

  • Waar moet ik verder nog aan denken?
Voorkom plotselinge veranderingen in voeding. Als u iets wilt veranderen, doe dit dan geleidelijk over een aantal dagen of weken. Begin met kleine hoeveelheden van het nieuwe voedsel en geef daarna steeds meer, waarbij u tegelijkertijd het oude (ongewenste) voedsel afbouwt. Hooi moet onbeperkt aanwezig zijn en vooral bij net gespeende konijnen is het belangrijk dat ze voldoende hooi eten. Als jonge konijnen gespeend worden en naar een nieuwe eigenaar verhuizen, kunnen plotselinge veranderingen in voeding of een gebrek aan vezels in combinatie met de stress van de verhuizing ziekten veroorzaken of zelfs de dood tot gevolg hebben. Wanneer u dus een nieuw konijn koopt, is het belangrijk uit te zoeken wat het dier altijd heeft gegeten en veranderingen geleidelijk in te voeren. U mag uw konijnen nooit met rijp bedekt of beschimmeld eten of gemaaid gras geven, omdat dit ernstige maag-darmklachten kan veroorzaken. Als u het juiste voer geeft, zijn voedingssupplementen zoals vitamines en mineralen over het algemeen niet nodig. Deze mogen alleen op aanraden van een dierenarts worden toegediend. Vers drinkwater moet onbeperkt aanwezig zijn. Flesjes zijn gemakkelijker schoon te houden dan waterbakjes. Ook wordt bij het gebruik van flesjes de wam (huidplooi onder de kin bij voedsters) niet vochtig, zodat huidontsteking wordt voorkomen.

  • Samenvatting
Het voeren van konijnen is niet moeilijk. Zorg voor een onbeperkte hoeveelheid hooi of gras van goede kwaliteit – aangevuld met een kleine, afgemeten hoeveelheid droogvoer als door de fabrikant aangeraden – en schoon, vers water. Tussendoortjes moeten tot een minimum beperkt worden, en moeten dan in ieder geval gezond en natuurlijk zijn.

Veel gestelde vragen

Waar moet ik op letten als ik een konijn uitkies?

U kunt een konijn in de dierenwinkel of bij een fokker kopen. Als u een konijn gaat kopen, is het verstandig om op een aantal dingen te letten. Als u vragen heeft, aarzel dan niet deze aan de verkoper te stellen. Ogen en neus moeten helder zijn en vrij van afscheiding (dit kan op een infectie duiden). Het konijn moet nieuwsgierig en onderzoekend zijn. Het konijn mag niet te dun zijn. Beweeg uw hand over de ruggengraat, heupen en ribben om dit te controleren – de botten mogen niet uitsteken en moeten bedekt zijn met een redelijke laag spieren. Controleer op natheid of aangekoekte keutels rond de anus. Controleer op de aanwezigheid van parasieten zoals vlooien of teken door de vacht op de rug met de vingers uiteen te duwen en controleer de oren aan de binnenkant op roodheid of een overmatige hoeveelheid geel of bruin oorsmeer – dit kan op oormijten duiden. Duw zo mogelijk de lippen zachtjes uit elkaar en controleer of de voortanden (snijtanden) van het konijn niet gebroken of te lang zijn. Informeer of het konijn gesteriliseerd of gecastreerd is; in de regel gebeurt dit pas als ze ongeveer zes maanden oud zijn. Informeer naar de leeftijd van het konijn. Koop geen konijn jonger dan 6 weken. Informeer of het konijn is ingeënt tegen myxomatose en het viraal haemorrhagisch syndroom (VHS). VHS wordt ook wel rabbit haemorrhagic disease (afgekort RHD) of viral haemorrhagic disease (afgekort VHD) genoemd. Vraag de verkoper of er garantie is op de gezondheid of een niet-goed-geld-terug-beleid. Informeer ten slotte wat het konijn te eten krijgt, om te voorkomen dat u thuis ineens ander voedsel gaat geven omdat dit maag-darmklachten en diarree kan veroorzaken. 

Moet ik één of twee konijnen nemen?
Alle konijnen hebben het gezelschap van minimaal één ander konijn nodig. Konijnen zijn van nature sociale dieren en raken gestrest als ze alleen in een hok zitten. De konijnen moeten wel bij elkaar passen: goede combinaties zijn een gecastreerd mannetje en een gesteriliseerd vrouwtje, of gesteriliseerde/gecastreerde konijnen van hetzelfde geslacht uit hetzelfde nest.

Aan welke eisen moet een konijnenhok voldoen?
Konijnen zijn intelligente, onderzoekende, actieve en atletische dieren die moeten kunnen springen, rennen, zich uitstrekken, graven en rechtop op hun achterpoten staan. Een hok of kooi moet altijd zo groot mogelijk zijn. Het is minder belangrijk om over de precieze afmetingen ervan na te denken als u ervoor zorgt dat uw konijn genoeg ruimte en mogelijkheden (binnen of buiten de kooi of hok) heeft om te doen wat het normaal ook zou doen. Konijnen kunnen binnen- of buitenshuis gehouden worden en moeten altijd een veilige leefomgeving hebben waar ze vrij kunnen rondrennen. Een plek waar het konijn kan rusten en zich veilig voelt is ook belangrijk.
Konijnen die binnenshuis worden gehouden kunnen gemakkelijk zindelijk worden gemaakt. Ze houden echter van knagen en graven en kunnen uw meubels, kabels en vloerbedekking vernielen. Houd uw konijn goed in de gaten als het losloopt en zorg voor een kooi of hok voor ’s nachts of als u er niet bent. Het is ook verstandig om maatregelen te nemen zodat uw konijn niet aan elektrische snoeren kan knagen – een potentieel levensgevaarlijke bezigheid! Met oude handdoeken of dekens of een kleine zandbak gevuld met grond of stukjes boomschors kan uw konijn aan zijn natuurlijke graaf behoefte voldoen.
Hoewel konijnen buiten meestal in een hok worden gehouden, moet dit meer zijn dan een veilige plek die uw konijn tegen weersinvloeden beschermt en waar het veilig kan uitrusten. Uw konijn heeft daarnaast ook ruimte nodig waar het vrij rond kan lopen, zoals een ren of een omheind deel van de tuin met wat gras. Hierin kunt u bijvoorbeeld dozen als schuilplekken plaatsen. Binnenshuis kunnen konijnen worden gehouden op zachte handdoeken of papiersnippers. Buitenshuis kunt u houtsnippers, stro of hooi gebruiken. Stro is geschikter dan hooi, omdat hooi gauw geplet wordt en minder warmte-isolerende kwaliteiten heeft. Gerstestro wordt aanbevolen omdat het zachter is dan tarwestro of haverstro en er minder kans is dat het de ogen van de konijnen beschadigt. Gebruik nooit stoffig of beschimmeld stro, omdat dat ademhalingsproblemen kan veroorzaken. Zaagsel kan beter helemaal niet worden gebruikt, omdat het stoffig is en de ogen kan irriteren. Het ligstro moet altijd droog en schoon zijn en vieze plekken moeten regelmatig worden verschoond.
Het is belangrijk dat uw konijn veel te doen heeft en veel speeltjes tot zijn beschikking heeft, zodat het zich niet gaat vervelen. Dit kan gelukkig gemakkelijk en goedkoop: hiervoor kunt u alledaagse voorwerpen gebruiken, zoals plantenpotten en dozen.

Hoe maak ik mijn konijnen zindelijk?
Konijnen kunnen redelijk gemakkelijk zindelijk gemaakt worden, omdat ze van nature al steeds op dezelfde plek plassen. In eerste instantie moet u uw konijnen in een klein afgezet gebied houden (een kooi of een afgezet deel van de kamer). Zet een ‘konijnentoilet’ in een hoek waar de konijnen toch al hun behoefte doen. De zijkanten van de bak moeten laag genoeg zijn, zodat uw konijnen er gemakkelijk in en uit kunnen. Gebruik kranten, stro of een andere vulling op basis van papier. Gebruik geen kattenbakvulling, omdat sommige soorten schadelijk kunnen zijn als ze worden opgegeten. U kunt wat keutels in de konijnenbak doen om uw konijnen aan te sporen de bak te gebruiken.

Hoe vaak moet ik het konijnenhok schoonmaken?
Het is van groot belang dat u uw konijnen zo schoon mogelijk houdt, vooral als ze ’s zomers buiten verblijven. U moet dan uw konijnen twee keer per dag controleren op aangekoekte keutels rond de staartaanzet. Vliegen kunnen namelijk in aangekoekte keutels eitjes leggen. De maden (die soms al binnen een dag uit de vliegeneitjes komen) voeden zich niet alleen met de aangekoekte keutels, maar ook met de konijnen zelf. Dat is een hele pijnlijke en vaak levensbedreigende situatie die goed is te voorkomen door twee keer per dag eventueel rond de staartaanzet aangekoekte keutels te verwijderen. Maak het hok minimaal twee keer in de week schoon en verwijder met urine doordrenkte bedding zo mogelijk elke dag. Het hok kan met een verdund desinfecterend middel worden gereinigd.
Wat is de beste omgevingstemperatuur voor mijn konijnen?
Binnenshuis moet u uw konijnen op de koelste en minst vochtige plek van het huis houden. De optimale kamertemperatuur voor konijnen is 15-21°C. Konijnen kunnen niet zweten of hijgen en als de omgevingstemperatuur boven de 27°C ligt, kunnen konijnen een hitteberoerte krijgen. Buitenshuis moeten konijnen in de zomer ook schaduw hebben. Plaats het hok niet in de directe zon als het konijn er niet uit kan, omdat het dan oververhit kan raken. Buitenshuis moeten konijnen beschermd worden tegen tocht, wind en slagregens, alsmede tegen honden, katten en andere roofdieren. Zorg in de winter voor ruim voldoende stro als bedding en dek de voorkant van de kooi ’s nachts af met een deken zodat uw konijnen niet onderkoeld raken. Waterbakken en flessen moeten in de winter elke dag verschoond worden, omdat deze kunnen bevriezen.

Hoe moet ik mijn konijn oppakken?

Pak uw konijnen vanaf jonge leeftijd elke dag op zodat ze eraan kunnen wennen. Als een konijn bang is of zich onzeker voelt als het wordt opgepakt, kan het met zijn achterpoten gaan trappen en daarbij de ruggengraat beschadigen, wat verlamming tot gevolg kan hebben. Als u uw konijn oppakt, ondersteun dan altijd de achterkant om ruggengraatletsel te voorkomen. Houd het konijn met één hand onder de borstkas tussen de voorpoten vast, pak het met uw andere hand onder de achterkant op en houd het konijn dicht tegen u aan, zodat het zich veilig voelt. U kunt zijn kop onder uw arm stoppen. Pak een konijn nooit bij zijn oren op en laat de poten niet bungelen. Het is vaak het beste om tot op het niveau van het konijn te knielen en het te aaien en naar u toe te laten komen; of zet het voorzichtig op schoot terwijl u op de vloer zit in plaats van het konijn van de vloer op te tillen.

Moet ik mijn konijnen laten steriliseren?
Tenzij u konijnen wilt fokken, is het ten zeerste aan te bevelen om zowel mannetjes (rammen) als vrouwtjes (voedsters) te laten steriliseren/castreren. Konijnen zijn tussen 4 maanden (bij kleinere rassen) en 6-9 maanden (grotere rassen) geslachtsrijp. Het is aan te raden jonge konijnen vanaf 4 maanden op te delen in groepen van dezelfde sekse. Voortplanting wordt voorkomen door rammen te castreren en voedsters te steriliseren als ze ongeveer 5-6 maanden oud zijn.Eerder is af te raden ivm een negatieve invloed op de calciumstofwisseling( scheefgroei gebit etc.) Sterilisatie van voedsters verkleint het risico op toekomstige baarmoederkanker aanzienlijk; bij sommige rassen komt dit type kanker bij ruim 80% van de voedsters van ouder dan 4 jaar voor. Sterilisatie voorkomt ook dat voedsters territoriumdrift gaan vertonen, vaak met andere konijnen willen vechten en agressief worden tegenover mensen. Ongecastreerde rammen zullen eerder gedragsproblemen ontwikkelen, zoals vechten, bijten en sproeien. De urine kan ook erg gaan stinken. Gesteriliseerde/gecastreerde konijnen hebben bij het ouder worden echter eerder last van overgewicht en het is dus van belang ervoor te zorgen dat ze niet te veel eten en voldoende bewegen.

Vaccinatie en medisch onderzoek

Uw konijn moet worden ingeënt tegen het viraal haemorrhagisch syndroom (afgekort VHS) en myxomatose. VHS wordt ook wel rabbit haemorrhagic disease (afgekort RHD) of viral haemorrhagic disease (afgekort VHD) genoemd. Myxomatose en VHS kunnen bij niet-ingeënte konijnen een dodelijk verloop hebben en er is voor geen van deze twee ziekten een specifiek geneesmiddel. De enige bescherming die u uw konijn kunt bieden, is vaccinatie.

VHS wordt verspreid door direct contact tussen konijnen (zowel wilde als tamme), maar besmetting met het virus kan ook indirect plaatsvinden via mensen, kleding, schoenen, andere voorwerpen en vlooien.
Myxomatose wordt gewoonlijk verspreid door vlooien en andere bijtende insecten zoals muggen en wordt daardoor gemakkelijk overgedragen van wilde konijnen op tamme konijnen. Een gecombineerde myxomatose-VHS-vaccinatie kan al vanaf de leeftijd van 5 weken worden gegeven, met daarna elke 12 maanden een herhalingsinjectie. Onze praktijk geeft u graag meer informatie over vaccinatie en de bestrijding van vlooien.

Jaarlijkse gezondheidscontrole
De beste manier om gezondheidsproblemen bij uw konijnen te voorkomen is door een regelmatige gezondheidscontrole. Dit vindt idealiter eens per jaar plaats, tegelijk met de vaccinaties. Uw konijn wordt dan helemaal onderzocht, waarbij ook de tanden kunnen worden gecontroleerd (vooral achter in de bek) op tekenen van ‘malocclusie’ (als de boven- en onderkaak niet goed op elkaar passen). Malocclusie kan haken op de kiezen en tongzweren veroorzaken. Konijnen waarvan bekend is dat ze tandproblemen hebben, moeten vaker gecontroleerd worden – in ieder geval elke 6 tot 8 weken. Voor een uitgebreide gebitscontrole moet uw konijn verdoofd worden.

Veel voorkomende medische problemen

Te lange tanden en malocclusie

Dit is het meest voorkomende probleem, aangezien konijnentanden tijdens de hele levensduur blijven groeien en door middel van eten afgesleten moeten worden om op de juiste lengte te blijven. Als het eten niet genoeg vezels bevat of de tanden niet goed op elkaar staan (malocclusie), worden ze te lang.
Bij te lange tanden ontstaan haken die in de wang en tong kunnen prikken en zo veel pijn, mondinfecties en zweren kunnen veroorzaken. Ook is het konijn dan niet langer in staat voedsel op te pakken en op te eten.
Klinische symptomen zijn onder meer het verlies van eetlust, gewichtsverlies, kwijlen en abcessen op snuit en kaak. Ook ooginfecties en aangekoekte keutels rond de staartaanzet kunnen een teken van tandproblemen zijn.
Bij sommige konijnenrassen is malocclusie van de voorste snijtanden aangeboren. Deze konijnen zullen hun hele leven lang regelmatig behandeld moeten worden; een andere optie is om de tanden te trekken. Verworven malocclusie komt bij oudere konijnen voor en heeft waarschijnlijk voornamelijk te maken met de voeding. Een juiste voeding is essentieel voor het welzijn van uw konijn. Problemen komen vooral voor als uw huisdier niet voldoende vezels eet in de vorm van hooi, gras of plantbladeren om de tanden snel genoeg af te slijten. Problemen kunnen zich ook voordoen als uw konijn de biks in een mueslimix niet wil eten, aangezien de biks calcium en fosfor bevatten die essentieel zijn voor een goede groei van botten en tanden.
Het gebit van uw konijn moet regelmatig gecontroleerd worden, bij voorkeur tegelijk met vaccinatie.

Huidziekten
Oormijten zijn kleine parasieten in de gehoorgang van konijnen. Ze kunnen overmatige productie van oorsmeer veroorzaken die gepaard gaat met klinische symptomen zoals met het hoofd schudden, aan het oor krabben en bloed rond de gehoorgang. Dit komt het vaakst voor bij rassen met hangoren. Andere mijten veroorzaken droge huid en roos op de rug en schouders. Deze kunnen ook bij mensen een lichte huiduitslag veroorzaken, dus konijnen met mijten moeten snel behandeld worden. Als de bedding niet regelmatig (minimaal 1 keer per week) verschoond wordt, kunnen de pootjes van uw konijn gaan zweren en geïnfecteerd raken, vooral als het konijn ook nog te zwaar is. De poten moeten regelmatig worden gecontroleerd en de nagels zo nodig geknipt. Met de juiste techniek is dit laatste niet moeilijk, graag doen wij dit een keer voor u voor.

Oogaandoeningen
Bij konijnen kunnen ooginfecties optreden die moeilijk te behandelen zijn. Deze manifesteren zich als een melkachtige uitscheiding uit de ooghoek en kunnen een pijnlijke, rode huid net onder het onderooglid veroorzaken (bindvliesontsteking). De traanbuisjes raken verstopt en moeten worden uitgespoeld. Dit komt het vaakst voor bij abnormaal groeiende tandwortels.

Diarree
Diarree is een veel voorkomend probleem bij tamme konijnen. De aandoening kan levensbedreigend zijn en u moet dan ook onmiddellijk contact met de praktijk opnemen. Sommige maagdarminfecties die diarree veroorzaken, kunnen binnen 24 uur dodelijk zijn. Konijnen met diarree raken snel uitgedroogd en moeten vloeistof toegediend krijgen. Soms moet dit per infuus. Ook een vezelrijk dieet (hooi of gras) heeft een beschermende werking tegen diarree en zachte keutels. Te zware konijnen, oudere konijnen met poot- of rugproblemen en konijnen met tandproblemen hebben soms last van aangekoekte keutels rond de staartaanzet. Het is normaal dat konijnen ’s nachts zachtere keutels produceren, die ze vervolgens opeten – dit is een belangrijk onderdeel van de voeding van konijnen – maar als een konijn veel te zwaar is of een pijnlijke bek of rug heeft, kan hij niet ver genoeg reiken om deze keutels ‘op te ruimen’.
In de zomer kunnen diarree of aangekoekte zachte keutels vliegen aantrekken, die hun eitjes rond de staartaanzet leggen. Uit deze eitjes komen maden. De maden (die soms al binnen een dag uit de vliegeneitjes komen) voeden zich niet alleen met de aangekoekte keutels, maar ook met de konijnen zelf. Dat is een hele pijnlijke en vaak levensbedreigende situatie. In de zomer moet u uw konijn twee keer per dag controleren en er altijd voor zorgen dat de bedding schoon en droog is. Onze praktijk heeft verschillende middelen om dit lastige probleem te voorkomen, maar het belangrijkste is hygiëne en een snelle behandeling van bijbehorende gezondheidsproblemen.

Luchtweginfecties
Veel konijnen hebben Pasteurella-bacteriën in hun neusholtes. Bij konijnen met een gezond immuunsysteem zullen deze bacteriën geen ziekteverschijnselen veroorzaken. Maar als een konijn gestrest raakt, kunnen deze bacteriën zich razendsnel vermenigvuldigen en zo de ziekte Pasteurellose, of ‘snot’, veroorzaken. Pasteurella kan ook aandoeningen van de luchtwegen, baarmoeder, huid, nieren, blaas, traanbuisjes, middenoor en ruggengraat veroorzaken.
Klinische symptomen zijn onder meer uitscheiding uit ogen en neus, verminderde eetlust, lusteloosheid, scheve kop, evenwichtsverlies, verlamming van de achterpoten en zware ademhaling. De infectie kan niet worden genezen maar kan soms onder controle worden gehouden met antibiotica. Neem contact op met onze praktijk als u denkt dat uw konijn deze ziekte heeft. Ook andere bacteriële infecties kunnen aandoeningen van de luchtwegen veroorzaken.

Encephalitozoon cuniculi (E. cuniculi)
Encephalitozoon cuniculi is een microscopisch kleine parasiet die bij konijnen een aantal ziekten kan veroorzaken, waaronder toevallen en nierziekten. Een veel voorkomende aandoening die door E. cuniculi wordt veroorzaakt is het plotseling optreden van draainek. In sommige gevallen kan het konijn slechts op één zij liggen, met de kop de andere kant op gedraaid. E. cuniculi kan ook de interne structuren van het oog aantasten en (gedeeltelijke) blindheid veroorzaken. Maar niet alle konijnen die dragers zijn van E. cuniculi vertonen symptomen van de ziekte. Vele zijn ogenschijnlijk gezond, ook al kunnen ze dan wel andere konijnen besmetten. De parasiet wordt via besmette urine of van moeder op kind overgebracht en kan meerdere weken in de omgeving overleven. Op plekken waar veel konijnen bij elkaar leven, is de kans op infectie groot, zelfs als goede hygiëne in acht wordt genomen. Blootstelling aan de parasiet kan worden vastgesteld aan de hand van een bloedtest; met behulp van tests van feces of urine kan worden gekeken of een konijn de parasiet ook uitscheidt.
E. cuniculi treft ook andere soorten, zoals cavia’s die samen met konijnen worden gehouden. E. cuniculi besmet geen gezonde mensen, maar mensen met een ernstig verzwakte afweer doen er goed aan blootstelling te vermijden, omdat het bij hen gezondheidsproblemen kan veroorzaken.
E. cuniculi is behandelbaar, maar het kan voorkomen dat ernstige gevallen niet op behandeling reageren. Neem contact op met de praktijk, wij vertellen u graag meer over routinebehandeling van alle nieuwe konijnen of andere test- of behandelregimes.

Overgewicht
Overgewicht komt veel voor bij tamme konijnen, vooral bij vrouwtjes. Dit kan weer andere problemen veroorzaken, zoals aangekoekte keutels en maden, leververvetting, artritis, osteoporose, urinebrand en stofwisselingsziekten. Preventie is belangrijk en het is essentieel om goed op de voeding te letten en ervoor te zorgen dat uw konijn voldoende beweegt. Neem contact op met de praktijk voordat u uw konijn op dieet zet.

Narcose bij konijnen
Veel eigenaren maken zich zorgen over de risico’s van narcose bij konijnen. Vroeger stonden konijnen erom bekend dat ze moeilijk veilig onder narcose te brengen waren. Sterilisatie van konijnen is tegenwoordig echter een routine-ingreep en met moderne anesthesie-apparatuur is er geen reden om overbezorgd te zijn. Dierenkliniek Sint-Michielsgestel gebruikt bij konijnen een speciaal gasanesthesie apparaat. Dit is extra veilig voor konijnen omdat het dier al snel na de operatie weer wakker wordt.
Alle narcosemiddelen brengen een klein risico met zich mee, ongeacht welk dier het betreft, maar er wordt alles aan gedaan om de narcose van uw konijn zo veilig mogelijk te laten verlopen.